|
Vroegste vermeldingen: |
....Vele wegen leiden naar Rome...(deel I)
Zo is het ook met familienamen. De vele varianten
Cramwinckel/Kraamwinkel
gaan allen ongetwijfeld terug tot een
hemmenschappelijke stamvader familie en een oernaam.
In informatie van het P.J. Meertens Instituuut (brief gedateerd
8 maart 1990),werd bevestigd dat volgens het Nederlands Repertorium van
Familienamen de naam Kraamwinkel en varianten in 1947, als
volgt verspreid over Nederland voorkwam ( de nummers verwijzen naar het
aantal naamdragers in de plaats):
Kraamwinkel:
|
Van Kraamwinkel:
|
Cramwinckel:
|
Cramwinkel:
|
| bron: P.J. Meertens-Instituut
Koniklijke Nederlansdse Akademie van Wetenschappen, Dialectologie, Volkskunde en Naamkunde |
Keizersgracht 569 | Amsterdam | brief gedateerd 8-3-1990, L. Brouwer |
Deze vespreiding is zeer opmerkelijk als men weet dat de Kraamwinkel-tak
die zich in Utrecht vestigde(~1640) zeer honkvast bleek te zijn: enkele
eeuwen later waren al tientallen gezinshoofden Kraamwinkel nog steeds
in Utrecht. Maar in 1947, waren het nog slechts enkelen.
De Van Kraamwinkel tak uit Zuylen is ons geheel onbekend.
Dit verdient nader onderzoek.
De Cramwinckel -tak had zich pas
bijna een eeuw later (~1750) via Nijmegen naar Groningen verspreid en vandaar
naar Amsterdam en Den Haag. Maar ook hier bleef geen enkele generatie
in 1947 in de oorsponkelijke vestiging stad Nijmegen.
De drie personen in Barsingerhorn zijn P.J.
Cramwinckel geboren Den Haag 1912 met zijn twee dochters Tineke en Els
die inderdaad in 1947 tezamen met hun moeder Joke de Grood in Kolhorn (Gemeente
Barsingerhorn) woonden . Zij waren uit de Wieringermeer gevlucht door de
onderwaterzetting van de polder Wieringermeer in 1945 en woonden
toen hier tijdelijk totdat P.J Cramwinckel als burgemeester in Grootebroek
benoemd werd. De tak in Hilversum is de Arnoud Cramwinckel tak.
Wat wel enorm opvalt is hoe weinig Kraamwinkel
(66) en Cramwinckel (16) namen hier vermeld worden: Oorlogen en ziektes
hadden het geslacht behoorlijk gedecimeerd en door emigratie of aanstelling
overzee waren meerderen weer vertrokken (Amerika, Afrika, Indonesië).
Ook lijkt toch vaak wel het uitsterven van een tak in de mannelijke
lijn een grote rol gespeeld te hebben.
| I.Vastleggen van de naamspelling in Nederland |
Het is goed zich te realiseren dat pas toen
Napoleon
Nederland had ingelijfd bij het Franse rijk (1805) de Burgerlijke stand
met Bevolkingregisters (geboortes, huwelijken, overlijdens) "Code Civil"
werd ingevoerd. Pas vanaf die periode werd het dragen van een
familienaam (=achternaam) verplicht.
Op die manier,dus na het invoeren van de Burgerlijke
Stand (BS) in 1811-1825, ligt de schrijfwijze van achternamen 'vast' en
wordt vanaf die periode vrijwel altijd korrekt gespeld - hoewel schrijf
fouten toch wel eens een keer voorkomen, zelfs nog vandaag (en zie boven
in tabel).! Maar dat was niet altijd zo. Voor genealogisch onderzoek
vóór het tijdperk van de BS is de meest gebruikte bron de
DTB (dopen,trouwen, begraven) gegevens in de Kerkboeken. Deze werden door
de kerken ongeveer vanaf begin 17e eeuw (hier en daar wel vroeger) gevoerd.
Het grote verschil met de deze DTB registers is dat de naam niet altijd
nauwkeurig werd gespeld: de schrijfwijze werd vaak gewoon fonetisch vastgelegd:
de kerkelijke dienstenaar schreef op zoals hij de naam hoorde, met
alle variaties van dien.
In onze familietak Cramwinckel
werd de naam verplicht vastgelegd bij rechterlijke schikking voor de kinderen
uit het huwelijk van Johannes Cramwinckel en Cornelia Reynen
op 30 augustus 1823 door de Vredesrechter van het Kanton Nijmegen
(oorspronkelijke tekst, transciptie van Marcel Cramwinckel,
mijn
broer). De redenen van dit request zijn niet bekend. Mogelijk ging het
hierbij om het corrigeren van de geslachtvermelding van een kind, gebundeld
met de nieuwe wettelijke regeling een vaste achternaam te kiezen. Ook is
het niet bekend waarom er geen familieleden aanwezig konden zijn van enige
kant (wat alleen maar tot de conclusie kan leiden dat alle kinderen uit
dit huwelijk Nijmegen reeds verlaten hadden) :
| Extract uit de Minuten der greffie van het vredesgeregt
des Kantons Nijmegen.
".....In den jare achtien honderd drie en twintig (1823), den dertigste augustus, kompareerden voor ons Louis Jan van der Lispen, fungerend vredesregter des kantons Nijmegen, geadsisteerd met onzen commisgrieffier
De familieraad als voren geraadpleegd hebbende omtrent het voorgedragene en opgegevene, verklaart eenparig wel te weten, dat de echtgenoot van de rekwirant genaamd is geweest Johannes Cramwinckel, zoon van Arnoldus Cramwinckel en Cornelia vd Waarden, zoals aan haar ook nog is gebleken uit een extract uit het doopsregister van de Broederenkerk te Nijmegen, alwaar hij op de dertigste maart 1774 is gedoopt. en dat sindsdien de namen op het huwelijksregister te Nijmegen de 24e juli 1801 voorkomend als Johannes Kraamwinkwel, en die in het doopsregister der stad Nijmegen in dato 18 februari 1817 als Jan Kraamwinkel, zoon van Arnoldus Kraamwinkel en Cornelia van der Waarden geheel abusief zijn. Voorts dat op de doopsregister te Nijmegen onderscheidene namen voor de kinderen van de gemelde Ehelieden abusieven voorkomen als 1e op de 13e mei 1803 Arnoldus Cornelis, als zoon van Johannes Cramwinkel en Cornelia Reynen 2e op de 21e september 1804 Johannes Cornelis, als zoon van Johannes Cramwinkel en Cornelia Reijne 3e op de 30e augustus 1806 Alyda Henrica als wettige zoon van Johannes Cramwinkel en Cornelia Reijne ; terwijl (dit) behoorde tezijn als wettige dochter van genoemde Ehelieden 4e op de 30e oktober 1808 Peter als zoon van Jan Cramwinkel en Cornelia Reijne 5e op de 2e dec. 1810 Antonius als zoon van Johannis Cramwinkel en Cornelia Reijne 6e op de 19e okt 1813 Adrien als zoon van Jean Kraamwinkel en Cornelia Reijne, terwijl de 3 laatstgenoemden mede zijn zoons van de ehelieden Johannes Cramwinckel en Cornelia Reijnen Tengevolge waarvan de gezamelijke leden ten gevoelen zijn dat niets hinderlijk is om de rektifikatie van gemelde abusieve namen te verzoeken, terwijl zij de gemelde Ehelieden en hare kinderen altijd goed gekend hebben. Van al hetwelk wij hebben opgemaakt dit procesverbaal, hetgen de komparanten na voorlezing met ons en de commisgriffier hebben getekend. En is deze gratis afgegeven naar aanleiding van een certificaat van onvermogen, verleend door den heere president burgemeester dezer stad in dato 13 juni achtienhonderd drie en twintig / was getekend Johannes Cranenberg, J. J. van Haaps, H. Berkenhagen, J. Wannewits, J. Eijckman, Bastiaan Centen, L.J. van der Lispen, J. V. Raveau, commis griffier,............geregtsdienaar te Nijmegen , /getekend de ontv. A. v.d. Waarden Nijmegen 1823 zaal 10 F. |
| II. Eerste naamsoort vermeldingen in oude Publikaties en Bronvermeldingen: Vele wegen leiden naar Rome....(deel 2). |
"Von denen v. Krawinckel oder Crawinckel, derer Siegel ich Tabelle XLVIII. n. 12. LXV. n. 8. LXVII. n. 5. beygebracht, habe ich gefunden, daß gelebet: 1343 Bertoldus de Krawinckele und Joannes Schulte de Krawinckel. M. 1344 Joannes de Krawinckel. M. 1434 Johan v. Krawinckel. M. 14.. Johan Schulte van Krawinckel hat das Schultheissen Amt geführet, und stehet vor dem Herrn v. Dreyre. 1478 Reinhard v. Crawinckel. Wenn ich nach ihrem Siegel urtheilen sol, so [p. 216:] halte ich, daß sie einerley Geschlechts mit denen v. Gisenberg.[sind]..". Een band dus met het geslacht van Gisenberg.
|
| Ook in België kot de naam al vroeg voor bv.
. 1285 12 Feb 1285 Arnoldo dicto Enneken de Creewinkele vernoemd in verband met een bos verworven door het klooster Gempe. (Les Chartes… n°LXXXII p 101 ) 1310-1342 Ridder Jan van Craywinckel ( alias Ridder Jan van Crewinkel), Herr v.Dunbergen (Lubbek, Belgiën)geboren vor 1310 woont in " kasteel van Dunbergen" (Lubbeek, België), hij had tweeei 'jong end fromme' dochters (begraven op 20 juli 1341), wier gebeentede bewaard worden in een Kapell in Vinkenweert/Binnekom,en later in de parochie kerk van Lubbeek: ( zie page Chris Kraewinkels). verder ook in 1260 (Renerus de Craiwinkele in Leuven, Belgien; 1321 Creiewinckel zu Diest, Belgien; 1365 Johannes Krawinkel Burger te Brugge, België en in 1369 Willem v. Crawinkele Heer v. Horst (St Pietersrode België. Dze namen lopen dan met hiaten door tot aan Jean van Craywinckel, pijlboogschutter in de lijfwacht van Karel V, gesneuvel in de slag bij Metz in 1552. Waar de oorsprongvan de huidige Cramwinckel dues dan wel ligt is nog steeds niet duidelijk. |
III:Naamsoorsprong
Zo zien we de naamsoort in verschillende oude
publikaties. De takken in de tabel hierboven zijn zeer waarschijnlijk
hiermee verwand.
De allervroegste vermeldingen van deze soortnaam
staan in :
| Maurits Gysseling: Toponymisch woordenboek van België, Nederland. Duitsland, Luxemburg, Noord Frankrijk en West Duitsland (vóór 1226 AD). Deel 1:A-M. Uitgegeven door het Belgisch Universitair Centrum voor Nederlandistiek, 1960 (Tongeren Durkkerij: Michiels) : Hieruit een citaat onder de letter K:(de belangrijkste afkortingen zijn tussen haakjes voluit geschreven, de letters en nummers zijn verwijzingen naar bronnen) : |
| ...' KRAMWINKEL (Bochum : Arn) :: Krauuinkila, 11.,(eeuw),
D W IX a l b, 8 ro. -- Karuuinkela, 2 H.(helft)
11.(eeuw),
D W X IX a 1 c, 4 vo. -- Kranuuinkili, ende 11.(eeuw),
D W IX a 1 c 7e vo. -- Crauuinkel, mitte 12.(eeuw)
D W IX a l b , 20 vo. --Crawinkel, Crawinkele, Crauuincule, mitte 12.(eeuw),
D W RH9, 57 vo, 58 r0, 59 ro.
Germ. Krãjõn- f.(ür) "Krähe" +winkila- m."Winkel".' ...' KRAWINKEL (Neunkirchen : Köln) :: Crawinkele, 1212, D S 70. Germ. Krãjõn- f.(ür) "Krähe" +winkila- m."Winkel".' ...' KREHWINKEL (Velbert : Dd) :: Craiunuuinkia, Kranuuinkila, 1. H. (helft) 11.(eeuw), D W |
| ..Belangrijk is het hier volgende citaat van
het P.J Meertens-Instituut:
".deze naam [Kraamwinkel] behoort waarschijnlijk tot de aardrijkskundige namen en duidt de plaats van de herkomst of de woomplaats van de eerste naamsdrager. Dit kan een dorps- of boerderij-naam zijn. Als aardrijkskundige naam heb ik hem niet gevonden. Wel zijn er in Noordrijnland-Westfalen een tiental plaatsnamen Krah-, Kräh- en Krewinkel. Deze naam betekent waarschijnlijk "Kraaienhoek"; in overdrachtelijke zin wordt met het woord Kräwinkel overigens 'een provinciestadje' aangeduid. Zou Kraamwinkel hiervan een verbastering kunnen zijn of werd hiermee eenvoudigweg een "kramershoek" aangeduid? In het oosten van Nederland komen wel boerderijnamen op -winkel voor. De familienaam Vettewinkel is bijvoorbeeld ontleend aan het erf Vettenwynckell (1457) te Hengelo O).." Zo ook Johan Winkler (zie De Navosrcher
, 1877, p. 393 - taalkunde-) :
|
Dus dit bevestigd dat de naam (Zu)
Kramwinckel
ook kan betekenen : wonen op, of komend van, het erf/hove/boerderij/landgoed
Kramwinkel. Het landgoed Kramwinkel dat
ons bekend is de hove Kramwinckel behorende tot de sticht Werden.Dit ligt
vlak bij Wiemelhausen, Zuid West van Bochum, In Nord Rhein Westfalen
(NrWf-Duitsland), ten zuidenwesten van Bochum.
Maar ook in België lag vlak bij Lubbeek
al een oud landgoed Craywinckel, en zo ook in het zuiden van Limburg (bij
Geleen, Krewinkel of Krawinkel.
Bewoners van een landgoed namen vaak de
naam van het landgoed aan, ongeacht hun eigen familienaam. Bij de hogere
adel werd dit vaak een bijvoegsel, bij de lagere standen meestal alleen
de landgoed naam, bv. Johann van Kramwinckel (hof). Het is in NrWf (en
ook in Oost Gelderland) de gewoonte, dat als een erfgoed overging naar
de vrouwelijke lijn door gebrek aan mannelijke erfgenamen), dan de
schoonzoon de hoevenaam overnam als familienaam : zijn afstammelingen
zijn dan geen echte bloedverwanten aan de mannelijke kant: bijvoorbeels
van
der Hey genant Kramwinkel, en ging dan verder als Kramwinckel
door het leven. Zijn kinderen noemden zich dan ook Kramwinckel.
Wat wel tekenend is, zijn de steeds weer terugkerende
reeks van voornamen in onze eigen tak(ken) en sommige voornamen in de hierboven
genoemde familes, met nadruk op kern-voornamen zoals:
- Arnd Arnoldus, Arnold, Arnoud, -
- Johannis Johannes, Johan, Jean, Jan;-
- Heinrich Hendrik, Henry, Dirk, Frikkie;
- Petersen, Peter, Pieter,
Piet; -Wilhelm Wilm, Willem, Wil.
Dit is inderdaad belangrijk voor genealogisch
onderzoek want voornamen zijn vaak een verwijzing naar de grootouders
van het kind, daar eeuwen lang (en zelfs tot in de mid 20e eeuw)
aan bepaalde voornaam tradities werden vastgehouden. Bijvoorbeeld: oudste
zoon naar de grootvader vaders kant, oudste dochter naar de grootmoeder
moeders kant. Dit is natuurlijk geen wet van Meden en Perzen, en was geheel
verschillend al naar gelang het gebied. Maar in Noord Rijn Westfalen en
in Nederland kwam het toch wel erg vaak voor.
| III. Speurtocht naar de naam |
Er zijn , zoals reeds vermeld, een groot aantal
varianten op de naam Cramwinckel. Geheel afhankelijk van
de persoon die het doop-, trouw- of begrafenis register bijhield,
(en dat waren vaak vroeger de eerste schriftelijke naamsregistraties,),
werd de naam 'ver'schreven. Het hield ook vaak verband met de politieke
situatie, bijvoorbeeld in het Rijngebied wisselden de gebieden nog al eens
van politieke overheid (Nederlands, Pruisen, Frans), en daarmee ook de
schrijfwijze. Zo vinden we bij eerste stamvader zowel de naam Craemwinckel
als
Kraamwinkel
dan wel Kraemwinkel, geheel afhankelijk van wie het opschreef.
Maar de naam komt ook voor als
Cramwinkell, Kranwinckel, Crawinckel,enzovoort.
Uit pure nieuwsgierigheid en gestimuleerd door correspondentie met
een aantal Duitse genealogen, zijn we dus eens verder gaan zoeken. Dit
staat dan ophet Kraejonwinkila
projekt 2000 die juist tracht op deze materie dieper in tegaan
door alle gegevens te vergaren over de oer-naam en haar varianten (klik
op de link om daar meer over te zien).